Het pact van de catacomben (NLse vertaling)

Op de avond van 16 November 1965, tijdens de laatste dagen van het Tweede Vaticaans Concilie, daalden zo’n veertig bisschoppen uit heel de wereld af in de Catacomben van Domitilla aan de rand van Rome. Hier vierden zij de mis en tekenden zij een persoonlijk manifest wat bekend zou worden als het ‘pact van de catacomben’. N.a.v. de conferentie die hierover werd gehouden aan de Urbania universiteit en het boek wat hierover werd gepresenteerd ter gelegenheid van de 50e verjaardag van het pact, heb ik het pact van de catacomben (uit het Engels) vertaald naar het Nederlands:

‘Wij, bisschoppen bijeengekomen in het Tweede Vaticaans Concilie, zijn ons bewust van de tekortkomingen in onze levensstijl op het gebied van de evangelische armoede. Door elkaar aangemoedigd in een initiatief waarin elk van ons geprobeerd heeft om ambitie en pretenties te vermijden, verenigen wij ons met al onze broeders in het episcopaat en vertrouwen in de eerste plaats op de genade en kracht van onze Heer Jezus Christus en op het gebed van de gelovigen en de priesters in onze bisdommen. Wij vertrouwen ons toe aan de Drie-eenheid, de Kerk van Christus, en al de priesters en gelovigen van onze bisdommen, met nederigheid en bewust van onze zwakheid, maar ook met alle vastberadenheid en alle kracht die God ons wil geven in zijn genade, en wijden ons toe aan het volgende:

1. Wat betreft onderkomen, voedsel en transportmiddelen en alles wat hier mee te maken heeft, zullen we proberen te leven volgens de gewoonte van ons volk. Zie Mt. 5:3, 6:33v, 8-20.

2. We doen voor altijd afstand van welvaart en de schijn daarvan, in het bijzonder kleding (dure stoffen en schitterende kleuren) en onderscheidingstekenen van kostbare metalen (deze tekens zouden in feite verkondigend moeten zijn). Mc 6:9, Mt 10:9v, Hand. 3:6. Geen goud of zilver.

3. We zullen geen roerend of onroerend goed, of bankrekeningen, etc., op onze naam hebben; en als het nodig is om iets te bezitten, zullen we het onder de naam van ons bisdom of andere maatschappelijke of caritatieve diensten plaatsen. Zie Mt. 6:19-21, Lc 12:33v.

4. Waar mogelijk zullen we de financiële en materiële administratie van ons bisdom toevertrouwen aan een commissie van competente leken die zich bewust zijn van hun apostolische taak, gezien het feit dat we herders en apostelen zouden moeten zijn in plaats van administratieve beheerders. Zie Mt. 10:8, Hand. 6:1-7.

5. We weigeren om, in gesproken of geschreven vorm, aangesproken te worden met namen of titels die grandeur en macht suggereren (eminentie, excellentie, monsigneur…). We geven de voorkeur aan de evangelische naam ‘vader’. Zie Mt. 20-25-28, 23:6-11, Joh. 13:12-15.

6. In ons gedrag en sociale leven zullen we alles vermijden wat de indruk kan wekken van privileges, prioriteit, of zelfs de voorkeur voor de rijken en machtigen (bijvoorbeeld: in aangeboden of aanvaarde banketten, in religieuze vieringen). Zie Lc. 13:12-14, 1 Cor 9:14-19.

7. We zullen ook het aanmoedigen of bevorderen van iemands ijdelheid, wie het ook mag zijn, vermijden in het belonen van of vragen om donaties, of voor welke andere reden dan ook. We zullen onze gelovigen aanmoedigen om hun giften te zien als normale deelname aan aanbidding, dienstbaarheid en sociale actie. Zie Mt. 6:2-4, Lc. 15:9-13, 2 Cor 12:4.

8. We zullen onze tijd, gedachten, hart, middelen, etc. zoveel als nodig is wijden aan de apostolische en pastorale dienst aan werkende individuen en groepen die economisch zwak en onderontwikkeld zijn, zonder andere mensen en groepen in het bisdom te vergeten. We zullen de leken, religieuzen, diakens of priesters ondersteunen die de Heer roept om de armen en arbeiders het evangelie te verkondigen, hun leven en werk delend. Zie Lc. 4:18v, Mc 6:4, Mt. 11:4v, Hand. 18:3v, 20:33-35, 1 Cor 4:12 en 9:1-27.

9. Bewust van de noodzaak van rechtvaardigheid en naastenliefde en hun wederzijdse verbondenheid zullen we proberen de werken van barmhartigheid te transformeren tot sociale werken gebaseerd op naastenliefde en rechtvaardigheid die rekening houden met iedereen, als een nederige dienst van relevante publieke instellingen. Zie Mt. 25:31-46, Lc. 13:12-14 en 33v.

10. We zullen ernaar streven om erop toe te zien dat de verantwoordelijken van onze regering en publieke instellingen de wetten, structuren en sociale instituties instellen en implementeren die noodzakelijk zijn voor rechtvaardigheid, gelijkheid en de volledige en harmonieuze ontwikkeling van de hele persoon, en dus voor de opkomst van een nieuwe sociale orde, die past bij de waardigheid van de kinderen van mannen en vrouwen en kinderen van God. Zie Hand. 2:44v, 4:32-35, 5:4, 2 Cor. 8 en 9, 1 Tim. 5:16.

11. Omdat de collegialiteit van de bisschoppen haar grootste evangelische voltooiing vindt in de gemeenschappelijke dienst aan de meerderheid in fysieke, culturele en morele armoede – tweederde van de mensheid – wijden wij ons toe aan:  Medewerking, naar  vermogen, aan de dringende noden van bisdommen in arme landen; Het samen vragen om, op internationaal niveau en altijd getuigend van het evangelie (zoals paus Paulus VI deed bij de Verenigde Naties), het tot stand brengen van economische en culturele structuren die geen arme landen creëren in een steeds rijker wordende wereld, maar die de arme meerderheid in staat stelt om uit hun armoede te raken.

12. We beloven ons leven te delen, in pastorale naastenliefde, met onze broers en zussen in Christus, priesters, religieuzen en leken, zo dat onze bediening een echte dienst zal zijn. Daarom,

  • Zullen we ernaar streven om ons leven te veranderen samen met hen,
  • Zullen we medewerkers zoeken zo dat we verkondigers volgens de geest zullen zijn in plaats van heersers volgens de wereld,
  • Zullen we zo menselijk mogelijk aanwezig zijn,verwelkomend,
  • Zullen we open staan voor iedereen, ongeacht hun religie. Zie Mc. 8:34v, Hand. 6:1-7, 1 Tim. 3:8-10.

13. Wanneer we terugkeren naar onze bisdommen zullen we deze voornemens delen met onze diocesane priesters, hen vragend om ons te helpen met hun begrip, samenwerking en gebed.

Moge God ons helpen trouw te blijven.’

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *