Mijn reis naar de katholieke kerk, 7: Rome

StPetersBasilica01_gobeirne

Begin 2013 maakte Paus Benedictus bekend dat hij ging stoppen. Voordat hij weg ging kreeg ik nog de kans om iets van hem mee te maken: tijdens een reis van mijn dispuut naar Rome. Dit ‘meemaken’ was niet heel spectaculair, het hield alleen in dat we tijdens dat weekend op zondag op het Sint Pietersplein stonden voor de gebruikelijke korte zondagstoespraak van de paus vanuit een raam ver weg van ons – maar dit was zijn laatste zondagse toespraak! De woensdag daarna zou hij vertrekken. Met een helikopter. De toespraak over de ontmoeting van Jezus en zijn discipelen op de berg Tabor met Elia en Mozes – het bijbelverhaal wat die dag, tijdens het seizoen van de 40 dagen-tijd op weg naar Pasen, werd gelezen, maar de toespraak was in het Italiaans. Niets van verstaan, maar er wel bij geweest. Het weekend was voor mij, middenin het proces van katholiek worden, wel een bijzondere ervaring.

Crossing the Tiber  

Eind 2012 en begin 2013 las ik boeken als ‘Rome sweet home’ van Scott en Kimberly Hahn en ‘Return to Rome: confessions of an evangelical catholic’ van Francis Beckwith, verhalen van protestantse christenen die katholiek waren geworden, en in wiens ervaringen ik vaak ook veel van mijzelf herkende. In de tijd van het weekend in Rome was ik ‘Crossing the Tiber’ van Steve Ray aan het lezen. ‘Crossing the Tiber’ is een veelgebruikte uitdrukking waarmee het katholiek worden bedoeld wordt, en die haar naam ontleent aan de rivier de Tiber die door Rome en vlak langs het Vaticaan stroomt. Je begrijpt wel de symboliek die dit weekend in Rome voor mij had, een weekend waarin ik de rivier de Tiber zag en voor het eerst de Sint Pieter bezocht, terwijl ik het boek ‘Crossing the Tiber’ aan het lezen was en middenin mijn eigen proces van ‘Crossing the Tiber’ zat.

Sint Pieter

Naast veel sightseeing en goed eten bezocht ik dus ook de Sint Pieter (en de Nederlandse ‘Friezenkerk’, op een steenworp afstand van het Sint Pieterplein). Tijdens dit bezoek had ik een mooi moment van gebed bij het graf van paus Johannes Paulus II en ook in de aanbiddingskapel, een oase van rust in de met massa’s mensen gevulde Sint Pieter. Ik had de rozenkrans van barnsteen bij me die ik iets meer dan negen jaar daarvoor had gekocht tijdens mijn tweede bezoek aan Litouwen, het land waar ik voor het eerst katholieke christenen had leren kennen, waardoor ik op deze lange reis begon. Met diezelfde rozenkrans, voor mij een teken van het begin van die reis en de lange weg die ik had afgelegd met zoveel bijzondere ervaringen, liep ik nu in de Sint Pieter, een van de belangrijkste plekken in de katholieke wereld, op het moment dat ik katholiek aan het worden was. Over symboliek gesproken.

‘Do not forget the poor’

Een paar dagen na dit weekend stopte paus Benedictus dus als paus, en begon het conclaaf om een nieuwe paus te kiezen. Op een woensdagavond (13 maart 2013) was ik in Amsterdam aan het eten en daarna koffie drinken aan het begin van een dispuutsavond, terwijl mijn moeder mij van het conclaaf op de hoogte hield via sms. Eerst kwam de sms met het nieuws dat een Argentijnse kardinaal tot paus was verkozen. Ik besefte dat hier iets nieuws aan het gebeuren was. Maar daarna kwam de sms dat deze paus de naam ‘Franciscus’ gekozen had, en toen, toen wist ik dat hier echt iets bijzonders, iets geniaals aan het gebeuren was, een grote verrassing. De eerste paus die zich noemde naar Franciscus van Assisi, een van de belangrijkste heiligen van de katholieke kerk, die Jezus volgde en de kerk diende met een radicale eenvoud en armoede. Een paus die voor deze naam koos omdat een kardinaal die naast hem zat op het moment dat hij verkozen werd hem toefluisterde: “Do not forget the poor”. Er zouden nog veel verrassingen volgen.

Paulus

Ondertussen had ik veel zekerheid en rust gekregen over het katholiek worden. De volwassenencatechese liep op zijn eind, en Pasen begon in zicht te komen. Ik zou dan het sacrament van het vormsel gaan ontvangen, waarbij ik ook een vormselnaam kon kiezen. Ik koos de naam ‘Paulus’: de apostel die zo’n radicaal verkondiger was van het goede nieuws van Jezus en dat deed met een overgave aan allerlei volken en culturen (‘voor de Joden een Jood, voor de Grieken een Griek’, zie 1 Kor. 9:19-23), en ook een man met een bijzonder gebedsleven en diepe geloofsbeleving (‘niet ik, maar Christus leeft in mij’, zie Gal. 2:20). Twee dingen die ik erg waardeer, en waarin ik nog veel wil groeien. Alleen was ik, nu Pasen 2013 dichterbij kwam, nog steeds niet zeker over dat centrale element in het katholieke christendom, de eucharistie. Op dit punt in mijn leven was ik er zeker niet tegen en had ik ook geen onoverkomelijke bezwaren meer, maar ik wist niet in hoeverre ik het kon geloven en ook beleven, het me eigen kon maken, en het oprecht serieus kon nemen. Er was geen negativiteit of tegenstand, maar ik miste de overtuiging om een positieve stap te zetten, om het echt aan te kunnen nemen met hoofd en hart. Het feit dat ik nu in een studentenhuis woonde met een kapel waar regelmatig de eucharistie werd gevierd, maakte het confronterender: het was een kleine kapel met drie banken voor het altaar; je kon niet ‘achterin’ zitten, ook als je achterin zat, zat je er nog met je neus bovenop. Vlak voor mij stond dus de priester die de woorden ‘dit is mijn lichaam’, ‘dit is mijn bloed’ uitsprak, vlak voor mij stond hij wanneer hij de hostie omhoog hield met de uitnodigingswoorden ‘zie het Lam Gods’. Pas in de laatste maand vóór Pasen, waarin ik de stap zou zetten (al was er geen enkele verplichting of verwachting, ik zou het uit kunnen stellen en meer tijd kunnen nemen als ik dat nodig vond), begon er verandering te komen in mijn houding en overtuiging over en mijn beleving van de eucharistie. Daarover meer in het volgende en laatste verhaal van deze serie.

(Verhaal gemist? Rode draad kwijt? Hier vindt je een overzicht van de verhalen in deze serie tot nu toe)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *