Open brief aan Antoine Bodar

Beste Antoine,

.

Voordat ik reageer op je essay van afgelopen zaterdag in Trouw wil ik je bedanken voor je jarenlange inzet als priester, in het bijzonder voor je aanwezigheid in de Nederlandse media. Jij was een van de weinigen die tekst en uitleg gaf bij de zo vaak slecht begrepen paus Benedictus XVI. Je gaf geduldig uitgebreide informatie over de woorden en daden van de paus en toelichting over de betekenis van de leer van de katholieke kerk. Je bracht context en diepgang in de verslaggeving en in het debat. Ook je mediaoptreden in De Wereld Draait Door in de pijnlijke jaren van commissie Deetman over het seksueel misbruik door priesters was bewonderenswaardig: je reageerde geduldig en met empathie, je bewust van de pijn die het mensen deed en de gevoeligheid van het thema, in een tijd dat veel leidinggevenden en woordvoerders van de kerk nog niet de beste manier hadden gevonden om hierop te reageren en erover te spreken. Zowel door je woonsituatie als door je stem in de media leerde ik je kennen als een bruggenbouwer tussen Nederland en het Vaticaan, tussen Hilversum en Rome.

Juist daarom was ik zo verbaasd en teleurgesteld toen ik zaterdag je artikel las in Trouw. Je bracht helaas niet de gebalanceerde verdieping en context die ook de zo vaak oppervlakkig begrepen paus Franciscus, net als paus Benedictus XVI, nodig heeft. Je bekritiseert het speerpunt van ‘een arme kerk voor de armen’, maar legt niet uit hoe dit speerpunt deel is van zijn bredere visie en beleid. Je bekritiseert de Franciscaanse spiritualiteit, maar legt niet uit hoe die haar betekenis krijgt als onderdeel van de bredere katholieke traditie, die ook veel andere spiritualiteiten kent (zoals de Benedictijnse en de Ignatiaanse). Dat je kritiek hebt op deze paus is helemaal niet erg, de paus zelf is daar niet bang voor en moedigde onderlinge kritische, openhartige en scherpe gesprekken in de kerk en ook onder de synodevaders aan. Jammer is dat je je kritiek niet brengt met een verhelderend verhaal van informatieve diepgang en met context, maar met een zure tirade.

Dan nog even over die arme kerk. Je bent van mening dat een arme kerk de armen niet kan helpen. Dat een materieel arme kerk de armen kan troosten en nabij kan zijn, maar in armoede weinig of niets kan doen voor de armen. Dat de pauselijke raad ‘Cor Unum’ dan niet meer gelden zou kunnen verstrekken aan armen en getroffenen zonder aanzien des persoons waar ook ter wereld. Dat de paus zelf niet meer zou kunnen evangeliseren en missioneren zonder de gebruikelijke, meestal kostbare communicatiemiddelen.Dat de armen van hun armoede verlost moeten worden in plaats van dat ons allen armoede opgelegd wordt. En natuurlijk is dat allemaal ook waar. Maar dat is niet wat paus Franciscus bedoelt. Je zorgen maken over of de organisatiemiddelen van het Vaticaan totaal in de uitverkoop gaan is een non-issue. Waar het de paus om te doen is, is een levensstijl: de levensstijl van ons katholieken, de levensstijl van de kerk. Hoe wij met ons geld en bezit en gebouwen omgaan, wat onze prioriteiten zijn, of we onze woorden waar maken, of we de deuren open doen om de straat op te gaan en om mensen binnen te laten en te ontvangen met gastvrijheid. Een centrum hebben niet als doel op zich maar als middel op beter in de periferie aanwezig te kunnen zijn (de ‘periferie-ecclesiologie’ van paus Franciscus). Dat is ook de betekenis van de Franciscaanse spiritualiteit, van het voorbeeld van Franciscus van Assisi. Tijdens zijn Angelus-toespraak van zondag 15 februari bracht paus Franciscus dit goed onder woorden: de logica van de manier waarop Jezus hielp en genas was die van de omhelzing, de aanraking, de compassie, de tederheid en ontferming. We moeten niet bang zijn om de zieke en de arme aan te kijken, in de ogen te kijken (zij worden al zo vaak genegeerd, of ‘geholpen’ door mensen die hun schuld afkopen met een euro terwijl ze de blik ontwijken).

Natuurlijk helpt de kerk om de armen uit de armoede te helpen. Maar dit is vaak een langdurig proces. Wat eerst nodig is, is de eerste stap: de ander zien, aankijken, omhelzen. Daarna kunnen we iets proberen te verbeteren. Maar ook dan, tijdens dit proces de ontmoeting laten doorgaan, de vriendschap blijven verdiepen. Zo leven, op die manier helpen, geeft een grote vreugde, de vreugde van het evangelie (‘Evangelie Gaudium’). Paus Franciscus beseft die vreugde, straalt dit ook uit. Ver over grenzen van kerken en levensbeschouwingen inspireert dit mensen, het raakt ze, geeft hen hoop. Zaterdagmiddag was ik aanwezig bij de herdenkingsdienst in de koptische kerk in Amsterdam Noord voor de 21 in Libië vermoordde Egyptenaren. Ik sprak daar met een diaken van de koptische kerk, en hij vertelde mij hoe hij zich aangesproken voelt door deze paus. Deze Egyptische christenen, die zoveel geweld ondergaan en tegenslagen te verduren krijgen, voelen zich gesteund en bemoedigd door deze paus. Hoe mooi zou het zijn om de onvoorstelbare kansen te zien van dit unieke moment.

Antoine, ik bedoel deze open brief niet als een sessie Bodar-bashen. Ik heb er juist vertrouwen in dat je je talenten zult blijven gebruiken, de hoop dat je zult doorgaan met dat te doen wat je de afgelopen jaren zo goed deed. Niet iets anders gaan doen, niet opgeven. Niet jij. Nederland heeft je nodig, de Nederlandse media heeft je bijdrage nodig. Je hebt talent. Ik gun ons, Nederland, de kerk, in de toekomst meer van dat wat je in het verleden hebt gedaan. Uit je kritiek, prima, maar blijf ook doen waar je goed in bent.

Vrede en alle goeds,

Zeger

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *